Toledo, 1 maart 2012
Na de fauna, dieren onderweg, moet het natuurlijk gaan over alles wat groeit en bloeit en ons altijd weer boeit: de flora. Want als één ding duidelijk wordt dan is het hoeveel vroeger het in het zuiden lente is dan in Nederland, van Malaga tot Toledo staan de amandelbomen in bloei en elke boom is een feestje. In Amsterdam hangt een beroemd schilderij van een roze bloesemtak die afsteekt tegen een blauwe hemel en pas nu snap ik het echt. Vincent van Gogh schilderde dit voor zijn pasgeboren neefje, dat broer Theo naar hem vernoemde.
Later zorgde neefje ervoor dat alle schilderijen van oom bij elkaar bleven, hij droeg de collectie over aan de Staat der Nederlanden in ruil voor een eigen onderkomen en zo kregen wij het van Gogh museum en Nederland een handelsmerk.
Niet meer Cruyff maar direct klinkt de naam van van Gogh als men hoort dat je Nederlandse bent en terecht, van alle Hollandse stereotypen - kaas, molens, klompen, Rembrandt – ben ik trots op hem. De kracht van dat beeld, een boom in bloei is niet te overschatten, de lente die de winter overwint, het gaat over leven dat terugkomt, dat sterker is dan de dood.
Als ik stop om zo’n feestje te fotograferen stap ik in een wolk van geur, kleur en van geluid, rondom hoor je gezoem en gegons, waar bloesem is zijn bijen.
Soms vertel ik mezelf hardop de datum, - half januari, half februari – en ik weet dat ik hier volgend jaar om deze tijd naar terug verlang, ze zeggen wat je niet kent kun je niet missen maar dit lieflijke spektakel mis ik nu al. Met terugwerkende kracht en bij voorbaat. Dat gevoel wordt versterkt als we in Cabanas de Tavira aan de kust van de Algarve een Nederlandse zender ontvangen. We zien hoe het thuis tien graden vriest en hoe daar prompt de elfstedenkoorts toeslaat. Daar hoort dan bij dat de Tocht der Tochten op de valreep weer eens niet doorgaat en onderwijl heeft koning Winter het verkeer overhoop gegooid met als gevolg bevroren wissels, lange files en kruiend ijs. Alles is de schuld van de NS en ook deze nieuwe directeur wordt vakkundig de mond gesnoerd door de nieuwslezeres, ze kent alle smoezen en herhaalt nog maar eens dat Siberiërs min vijftien een zomerse temperatuur vinden en dat dáár de treinen wel rijden bij min vijfentwintig en nog op tijd ook..enzovoorts.
Wij missen dit alles als kiespijn, het is al vijf maanden bijna non stop mooi weer, onze regenkleding ligt onvindbaar ver weg onderop, een dikke trui is genoeg voor de avond. We smeren ons nog eens in met factor dertig en pakken de picknickkoffer voor een tocht door de heuvels in het achterland…..Stop! Het volgende feestje langs de weg barst los: bloeiende mimosa met die onmiskenbare geur. En tussen de gele stuifmeelbolletjes door glinstert de blauwe oceaan.
Dan zijn er nog die verser dan vers sinaasappels en mandarijnen en die knollen van citroenen rondom je in de bomen, hoe kan een fatsoenlijk mens ooit zonder.
We gaan nog niet naar huis, nog lange niet, nog lange niet..
Lies









Geen opmerkingen:
Een reactie posten